Een vader die aanklopt bij de MAMAS

Toen Junior hoorde dat zijn zoontje Bandile hem nodig had, liet hij direct alles vallen. Hij reisde honderden kilometers dwars door Zuid-Afrika om hem op te halen, om voor hem te zorgen. Maar al snel ontdekte hij dat zijn zoon op papier niet bestond.

Bandile was nog geen vier jaar oud toen zijn moeder overleed. Junior en Bandile’s moeder waren uit elkaar gegaan voordat Bandile werd geboren en Junior was voor werk naar de andere kant van het land verhuisd. Hij hoorde pas later via-via dat hij een kind had. Maar toen het bericht kwam dat Bandile’s moeder plotseling was overleden, twijfelde hij geen moment. Zijn zoon had hem nodig.

Junior sloot Bandile direct in zijn armen en nam hem mee naar huis. Hij paste zijn werkschema aan en deed alles wat hij kon om voor hem te zorgen. Maar al snel liep hij vast. Bandile was na zijn geboorte nooit aangegeven bij de burgerlijke stand. Daardoor had hij geen geboortebewijs en bestond hij volgens de instanties niet.

Dat had direct grote gevolgen. Want zonder officiële documenten kan je in Zuid-Afrika niet naar school, en is het onzeker of je zorg kan krijgen als je ziek wordt. Ook kon Junior geen kindertoeslag aanvragen. Voor de vader was één ding duidelijk: zijn zoon had recht op een veilige toekomst. Dus begon hij te vechten voor het bewijs dat Bandile bestond.

Bewijzen dat je echt bestaat

Junior zocht alles bij elkaar wat hij kon vinden. Hij groef door jaren aan berichten van zijn ex, op zoek naar foto’s, gesprekken en aanwijzingen die konden laten zien dat Bandile in Zuid-Afrika was geboren en daar was opgegroeid. Elk stukje bewijs kon belangrijk zijn.

Maar bij de instanties kreeg hij steeds hetzelfde te horen: er was meer bewijs nodig. Bewijs dat Bandile was opgegroeid in het dorp van zijn moeder en haar familie. Bewijs dat hij daar had gewoond, gespeeld en geleefd. Junior probeerde contact te krijgen met de familie van zijn ex. Misschien hadden zij documenten, informatie over doktersbezoeken of ander bewijs dat kon helpen. Maar dat bleek moeilijk want de familie negeerde hem volledig. Berichten bleven onbeantwoord, en ook toen Junior opnieuw honderden kilometers naar het dorp reisde, kwam hij niet verder.

Tot een buurvrouw de man op de dichte deur hoorde kloppen. Zij kon hem zelf niet helpen, maar kende wel lokale vrouwen die misschien iets konden betekenen. Zo kwam Junior in contact met de MAMAS.

De MAMAS gaan mee zoeken

De MAMAS kwamen meteen in actie. Ze gingen de wijk in en spraken met gezinnen uit de buurt. Ze zochten mensen die Bandile kenden, die hem hadden zien opgroeien, die wisten waar hij had gespeeld en bij wie hij had geleefd.

Ook vroegen ze documenten op bij lokale klinieken waar Bandile als baby was gevaccineerd. Er werden notities gevonden van een crèche waar hij een jaar had gezeten. Het graf van Bandile’s moeder werd gefotografeerd. Via dorpsoudsten werd de familiestamboom vastgelegd, zodat duidelijk werd welke familiebanden Bandile in het dorp had. Uiteindelijk kwam er zelfs een DNA-test aan te pas om aan te tonen dat Bandile’s oma, die al tientallen jaren in het dorp woonde, echt zijn oma was.

Junior verzamelde dikke mappen vol informatie. Avond na avond zat hij tussen de papieren, formulieren en bewijzen. Alles om zijn zoon het recht te geven op onderwijs, medische zorg, bescherming en steun. De MAMAS stonden bij elke stap aan zijn zijde. Ze gingen mee naar overheidskantoren, hielpen zoeken naar documenten en legden vast wat nodig was.

En na acht maanden kwam eindelijk het bericht waar Junior zo lang voor had gevochten: de verzamelde documentatie was voldoende. Bandile zou zijn geboortebewijs krijgen. Junior kon zijn geluk niet op. En Bandile? Die kijkt ernaar uit om naar school te gaan en vriendjes te maken.

Soms betekent vader zijn: blijven zoeken, blijven vragen en blijven vechten tot je kind wordt gezien. Junior deed dat voor Bandile. En de MAMAS stonden naast hem, tot zijn zoon eindelijk officieel mocht bestaan.